zondag 4 juni 2017

Ransuilen in de wijk

Henny kreeg van de week een tip van Ron, een collega-gids: bij hem in de straat zat een ransuilengezin. De jongen waren inmiddels het nest uit (en daarmee gepromoveerd van uilskuiken tot takkeling).
Hij zou een seintje geven als ze goed te zien waren.
Dat seintje kwam van de week, maar toen konden we er niets mee.
Gisteravond waarschuwde hij weer....

Helaas was Henny net in het Dwingelderveld aangekomen om een reeënexcursie te geven, maar ze appte het meteen aan mij door. Dus stapte ik snel met mijn camera op de fiets en racete naar Ron toe.
Hij liet me zien waar de ouders en de drie jongen zaten en vertelde hoe ze de avonden meestal doorbrengen.
Hij vertelde dat de ouders een geluid maken dat sterk aan blaffen doet denken. Nu hielden ze zich stil, dus dat moest ik een andere keer maar ervaren. Ook de jongen, die de hele nacht piepend door blijven zeuren om eten, hielden zich nog rustig.
We hadden het ook nog over camera's, lenzen en dat soort onderwerpen.

Ik maakte uiteraard talloze foto's. Het was lastig om de vogels mooi op de sensor te krijgen. Niet doordat ze schuw waren, maar vanwege de bladeren en de Zon.

Toen ik thuis de foto's bekeek, viel het resultaat me best mee. Natuurlijk kon ik zo tientallen foto's de prullenbak in kieperen, maar een paar waren best om aan te zien.

Toen de schemering begon in te vallen, ben ik weer teruggegaan, nu ook met een statief. Ik heb daar nog een uur lopen genieten van de roepende jongen en ouders.

De mensen uit de buurt weten natuurlijk ook dat ze er zitten. Zeker nu ze de hele nacht door piepen, kan hun aanwezigheid je niet ontgaan. Ik vond het fijn dat de mensen die ik sprak, enthousiast waren en die paar weken piepen graag voor lief namen.
Alleen haalden ze hun zeventienjarige rode kater toch maar naar binnen nadat een van de uilenouders er een paar duikvluchten op had uitgevoerd. Dood-door-ransuil leek hun niet zo'n goed idee....
Nogmaals dank voor de tip, Ron!

Een ransuil in volle glorie.
Hij is te herkennen aan de grote rechtopstaande pluimen op zijn kop.
(Een velduil heeft kleine rechtopstaande pluimpjes en de oehoe grote liggende.)


De jongen zitten nog dik in de donsveren.
Toch kunnen ze al behoorlijk goed vliegen.


Ze houden me goed in het oog.


Later op de avond. Ik vond de uilen door op hun gepiep af te gaan.
Op deze foto zijn er twee te zien: links van de lantaarnpaal.


Een gelukstreffer!


Prachtige vogels zijn het, ook in hun puberpak.


Vliegen gaat wel, maar je evenwicht bewaren op takken is nog een hele kunst.


Weer geluk: ondanks de lange sluitertijd (1/13 s) is de vliegende uil
herkenbaar (nou ja, herkenbaar...) in beeld.
Zie je de enorme spanwijdte van de vogel? Rond de 90 cm!


Dit jong oefent zijn nekspieren.


Nu zit hij met zijn rug naar me toe...

...zo dus.


Het wordt nu langzaam donker.
De jongen worden onrustig en vliegen naar een plek waar de ouders ze goed kunnen vinden
(denk ik zo maar).


Natuurlijk willen ze alle drie de eerste muis van de nacht,
dus zoeken ze alle drie de beste plek: bovenin een conifeer...


Vanuit een boom in de buurt kijkt pa/ma toe en denkt er het zijne/hare van.

En toen werd het echt te donker om hun doen en laten nog vast te leggen.
Hieronder staan nog een paar filmfragmenten. Je kunt het piepen van de jongen en het waarschuwende blaffen van een ouder horen.

Een roepend en rondkijkend jong.



Roepende jongen met op de achtergrond een blaffende ouder.



Blaffende ouder en genietende mensen.

Het was wéér genieten

Een dagje in Ootmarsum

Afgelopen zaterdag zijn we met de fotoclub in Ootmar sum geweest. Daar hebben we natuurlijk heel veel foto's gemaakt. Op onze website ...